




KennisDoor gericht onderzoek en het geven van adviezen zet De Vlinderstichting zich in voor vlinders en libellen. Daarbij gaat het om vragen als: waar zijn ze te vinden, gaat het op die plekken goed of juist slecht? En hoe komt het dat de vlinders en libellen verdwijnen; wat kan De Vlinderstichting eraan doen? Het verzamelen en delen van kennis heeft als doel de vlinders en libellen in Nederland te beschermen:
Hieronder volgt een overzicht van projecten die de Vlinderstichting het afgelopen jaar heeft uitgevoerd in het kader van de pijler 'kennis': Robuuste verbindingen heidefauna Gelderse ValleiFinanciering: Provincie GelderlandDe realisatie van een ecologische verbindingszone tussen de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug is een belangrijke opgave binnen het Reconstructieplan rond de Gelderse Vallei. Vanuit de Provincie Utrecht zijn de mogelijkheden voor het gentiaanblauwtje al opgesteld. Dit project beoogt kansrijke stapstenen voor kenmerkende heidefauna in het aansluitende Gelderse deel in kaart te brengen en maatregelen te adviseren. Contactpersoon: Michiel Wallis de Vries Evaluatie herstelmaatregelen aardbeivlinderFinanciering: WaternetIn Zuid-Kennemerland zijn bij wijze van experiment herstelmaatregelen uitgevoerd voor de aardbeivlinder door vergraste vegetatie kleinschalig te plaggen. Na vijf jaar kan de effectiviteit van deze maatregel worden beoordeeld. Dit project omvat de evaluatie van de ontwikkelingen van de vegetatie en de aantallen aardbeibvlinders tussen 2004 en 2009. Contactpersoon: Michiel Wallis de Vries Monitoring Pimpernelblauwtjes en waardmieren in BrabantFinanciering: Provincie-Noord-BrabantIn 1990 zijn het pimpernelblauwtje en donker pimpernelblauwtje geherintroduceerd in de Moerputten. Mede in het kader van het Convenant Pimpernelblauwetjes, dat dankzij inspanningen van de provincie tot stand is gekomen, wordt de ontwikkeling van de pimpernelblauwtjes, hun waardplant en hun waardmieren in en rond de Moerputten bijgehouden. De vlinders worden ieder jaar geteld, terwijl de mieren ieder derde jaar gemonitord worden, zo ook in 2009. Het gaat goed met de pimpernelblauwtjes. In de zomer van 2008 zijn de aantallen in en rondom de Moerputten toegenomen. Er hebben in juli en augustus zo’n 1000 tot 1200 vlinders gevlogen. De vliegtijd van de pimpernelblauwtjes duurde in 2008 uitzonderlijk lang: van 17 juni tot 17 augustus. Het donker pimpernelblauwtje heeft het niet goed gedaan. Ondanks uitgebreid zoeken is geen enkel donker pimpernelblauwtjes waargenomen. Deze soort is waarschijnlijk weer uit Brabant verdwenen. Contactpersoon: Irma Wynhoff Landelijk Meetnet Vlinders 2009Financiering: LNV (Ga-N)In samenwerking met het CBS beheert De Vlinderstichting het Landelijk Meetnet Vlinders (sinds 1990). Met behulp van dit meetnet kan worden vastgesteld of een vlindersoort in Nederland vooruit of achteruit gaat. Daarom worden verspreid over het hele land routes uitgezet die overal op dezelfde manier worden geteld. Gedurende het hele seizoen wordt elke week genoteerd welke vlindersoorten er voorkomen en in welke aantallen. Bij soortgerichte routes wordt alleen in de vliegtijd van de betreffende soort een aantal bezoeken gebracht. Het meetnet bevat op dit moment ruim 1350 actieve plots Contactpersoon: Chris van Swaay Landelijk Meetnet Libellen 2009Financiering: LNV-GA-NHet Landelijk Meetnet Libellen is het monitoringprogramma van de libellen in ons land, dat wordt uitgevoerd in samenwerking met CBS. Doel van het Meetnet is het bijhouden van de veranderingen in de libellenstand in Nederland. Daarnaast worden de resultaten gebruikt voor een betere bescherming van de Nederlandse libellen. Contactpersoon: Tim Termaat Natuurbalans 2009Financiering: Planbureau voor de LeefomgevingDoel is het aanvullen en zo nodig verbeteren van de dagvlinderindexen zoals die gebruikt worden in de graadmeter natuurwaarde tot en met 2007. Tweede doel: het vaststellen van de verhouding tussen de indexen in 1950 en nu voor een aantal soorten (in eerste instantie gentiaanblauwtje en donker pimpernelblauwtje) Contactpersoon: Chris van Swaay Inventarisatie DeelerwoudFinanciering: NatuurmonumentenNatuurmonumenten heeft De Vlinderstichting gevraagd een offerte namens de VOFF in te dienen voor de inventarisatie van reptielen, amfibieën, dagvlinders, libellen, sprinkhanen, wilde bijen & graafwespen in het Deelerwoud. Het Deelerwoud met een oppervlakte van rond de 1250 hectare, is als onderdeel van de Veluwe aangwezen als Natura2000 gebied. In beginsel stelt Natura2000 als doel: de bestaande kwaliteit en omvang in Nederland en in concrete gebieden te handhaven en waar nodig in gunstige staat van instandhouding te brengen. Om trends binnen beheer en ontwikkeling van soorten te kunnen monitoren, dient er een uitgebreide 0-meting plaats te vinden als referentiepunt. Natuurmonumenten is geïntresseerd in het voorkomen en de verspreiding van reptielen, amfibieën, dagvlinders, libellen, wilde bijen, graafwespen en sprinkhanen van heide- en stuifzandbiotopen en de overgangen naar bos. Inventarisatie Drents-Friese WoldFinanciering: Provincie DrentheIn het Nationaal Park is de laatste decennia veel onderzoek verricht in de vorm van inventarisatie van planten en dieren. Binnenkort zal een nieuwe BIP worden opgesteld waarvoor het noodzakelijk is alle beschikbare informatie op een rijtje te zetten en belangrijke lacunes in te vullen. In 2005 heeft de Werkgroep Beheer en Onderzoek een Actieplan Monitoring opgezet. In het actieplan zijn soortgroepen voorzien van prioriteiten. Dagvlinders hebben de hoogste prioriteit, terwijl libellen de tweede prioriteit hebben gekregen. Inmiddels zijn door voortschrijdend inzicht sprinkhanen toegevoegd aan het wensenpakket. Omdat veel soorten uit deze soortgroepen vaak gemeenschappelijk voorkomen in specifieke biotopen, is een gezamenlijk monitoringproject het meest praktisch. Daarom hebben Natuurmonumenten, Het Drents landschap, Staatsbosbeheer en het secretariaat van het Nationaal Park de handen ineengeslagen en gezamenlijk een verzoek ingediend bij het overlegorgaan om een onderzoek naar deze diergroepen in 2009 en 2010 te financieren. Verspreidingsonderzoek vlinders 2009 maart tot meiFinanciering: LNV (Ga-N)Het verspreidingsonderzoek is vooral een voortzetting van de inhaalslagen in voorgaande jaren. Deze offerte betreft het werk dat tot eind mei wordt uitgevoerd. In deze periode worden de volgende werkzaamheden uitgevoerd: 1. Aansturing vrijwilligers verspreidingsonderzoek klaverblauwtje, dwergblauwtje, bruin dikkopje en veldparelmoervlinder; 2. Voorbereiding verspreidingsonderzoek juni – augustus, inclusief aanpassen pagina ‘telmee’; 3. Maken bestand en digitale kaarten (oktober) Voortgangsrapportage. Contactpersoon: Kars Veling ‘Invloed golflengte licht op nachtvlinders’Financiering: PhilipsDe publieke en private ruimte wordt in toenemende mate verlicht. De golflengtes die daarvoor worden gebruikt blijken voor veel soortgroepen, waaronder nachtvlinders, sterk verstorend te werken. De ontwikkeling van lampen met een golflengte die minder verstorend werken kan grote positieve gevolgen hebben voor de natuur. In deze pilot studie zullen lampen met een wisselende golflengte worden gemonteerd in gestandaardiseerde lichtvallen voor nachtvlinders. In een vergelijkende proefopzet wordt nagegaan of golflengtes in met name het groene en blauwe gebied een minder grote verstoring van nachtvlinders met zich meebrengen. Contactpersonen: Dick Groenendijk, Theo Verstrael Libellen en vlinders in leefgebiedenplan Beekdalen NBFinanciering: Provincie Noord-Brabant via KWRDoor de provincie Noord-Brabant is gevraagd een leefgebiedsplan op te stellen voor de Brabantsebeekdalen. Het leefgebiedsplan moet een integrale visie geven welke maatregelen nodig zijn ombedreigde soorten, en de ecosystemen waarvan ze deel uitmaken, te beschermen. Naast een langetermijnvisie moet het leefgebiedsplan ook aangeven welke maatregelen door welke partijen op korte termijn kunnen worden genomen om populaties van bedreigde soorten te beschermen en uit te breiden. De leefgebiedenbenadering vormt een nieuwe benadering in de soortenbescherming, en vormt een aanvulling op (of op termijn mogelijk een vervanging van) de bestaande aanpak waarin wordt gewerkt met actieplannen voor afzonderlijke soorten of habitattypen. De gedachte hierachter is dat beschermingeffectiever is wanneer gewerkt wordt vanuit een integrale visie waarin maatregelen worden genomen die aan meerdere soorten of habitattypen gelijktijdig ten goede komen. Contactpersoon: Dick Groenendijk Update beheerkaarten EikenprocessierupsFinanciering: Provincie GelderlandVanuit De Vlinderstichting vinden regelmatig inventarisaties plaats van beschermde vlindersoorten. Het voorkomen van beschermde vlindersoorten rondom eikenbomen moet bekend worden, zodat terreinbeheerders rekening kunnen houden met het voorkomen van deze beschermde soorten bij het toepassen van bestrijding van eikenprocessierups met behulp van middelen op basis van Bacillus thuringiensis, die een brede werking tegen vlindersoorten hebben. Het doden van beschermde vlinders als gevolg van bespuiting met middelen valt onder de Flora- en Faunawet en is strafbaar. Contactpersoon: Dick Groenendijk Voortzetting monitoring duinparelmoervlinderFinanciering: PWNHet project beoogt de volgende doelen te bereiken: Uitvoering van de monitoring door tellingen langs de routes in het gebied Bakkum-Egmond; overdracht van de monitoring aan het PWN voor de volgende jaren; advisering over de noodzaak tot uitbreiding van de monitoring om de aantalontwikkeling van de duinparelmoervlinder betrouwbaar te volgen. Contactpersoon: Michiel Wallis de Vries Oases van biodiversiteitFinanciering: Provincie Zuid-HollandHet project Oases van biodiversiteit heeft tot doel: behoud en ontwikkeling van de biodiversiteit van kleine stilstaande wateren, met in het bijzonder de bescherming van een groot aantal bedreigde soorten die binding hebben met deze wateren. In drie voorbeeldprovincies zullen aansprekende deelprojecten worden uitgevoerd die zo navolging kunnen vinden elders. Zuid-Holland is een van die provincies. In Zuid-Holland wordt ingezet op verbetering van de ecologische waarde van sloten en de aanleg van stilstaande geïsoleerd liggende wateren in de Krimpenerwaard. Hierbij is speciale aandacht voor de uitbreiding van krabbenscheervegetaties, die een belangrijk onderdeel vormen van het leefgebied van soorten als groene glazenmaker, zwarte stern en vele andere prioritaire soorten. Contactpersoon: Tim Termaat Laatste wijziging: 15 juni 2011 |
![]() Morgenrood.
![]() Platbuik.
![]() Nonvlinder. |
|||