schildstipspanner Idaea biselata

Vanaf half mei tot eind september kan de schildstipspanner worden waargenomen.
Familie
spanners (GEOMETRIDAE)
Onderfamilie
Sterrhinae / Idaea biselata
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed op gelijkende soorten letten)
Zeldzaamheid

Zeer algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: niet bedreigd.

Rode lijst
niet bedreigd

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken

Kenmerk: Voorvleugellengte: 10-11 mm. De crèmekleurige, min of meer donker bespikkelde voor- en achtervleugel hebben beide een opvallende zwarte middenstip. De middelste dwarslijn op de voorvleugel buigt in een kleine boog om de middenstip heen. De voorrand van de voorvleugel is bij de vleugelpunt vrij sterk gebogen. Karakteristiek voor deze soort is de duidelijk zichtbare, grillige buitenste dwarslijn met daarbuiten een bruinachtig grijs zoomveld, onderbroken door een onregelmatige lichte golflijn. De kleur van het zoomveld varieert in intensiteit; soms is het beperkt tot een smalle zone tussen de buitenste dwarslijn en de lichte golflijn.

Uiterlijk Carter: Tot 22 mm; slank, licht versmald naar de kop, met dwarsribbeltjes, grijs of grijsachtig bruin met donkere V-vormige vlekken op de rug; kop ingesneden. Er is ook een bleek geelachtig bruine vorm met hetzelfde vlekkenpatroon.

Gelijkende soorten vlinder

De dwergstipspanner (I. fuscovenosa) is meestal iets kleiner, de middenstip op de voorvleugel ligt gewoonlijk aan de andere kant van de middelste dwarslijn en in het zoomveld bevindt zich geen opvallende donkere band. Bij de paardenbloemspanner (I. seriata) loopt de middelste dwarslijn vlak langs de middenstip. Bij de vlekstipspanner (I. dimidiata) bevat het zoomveld alleen een aantal donkere vlekken bij de binnenrandhoek.. Zie ook de zuidelijke stipspanner (I. trigeminata).

Klik hier voor gedetailleerde verschillen met illustraties tussen Idaea biselata en I. seriata.

Klik hier voor gedetailleerde verschillen met illustraties tussen meer Idaea- en Scopula-soorten.

Gelijkende soorten vlinder

vlekstipspanner
Idaea dimidiata

dwergstipspanner
Idaea fuscovenosa

zuidelijke stipspanner
Idaea trigeminata

paardenbloemspanner
Idaea seriata

Gelijkende soorten rups

Roestige stipspanner (Idaea inquinata), dwergstipspanner (Idaea fuscovenosa) en schaduwstipspanner (Idaea rusticata).
N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).

roestige stipspanner
Idaea inquinata

dwergstipspanner
Idaea fuscovenosa

schaduwstipspanner
Idaea rusticata

Levenscyclus

Rups: juni-mei. De soort overwintert als rups en verpopt zich tussen afgevallen bladeren.

Waardplanten

Diverse kruidachtige planten en afgevallen blad.

Habitat

Habitat: Vooral loofbossen; ook naaldboomaanplanten, struwelen en tuinen.

Vliegtijd en gedrag

Half mei-eind september in één, soms twee generaties. De vlinders kunnen overdag van lage takken en uit struikgewas worden opgejaagd. Vanaf de schemering bezoeken ze bloemen zoals die van akkerdistel. Ze komen op licht en op smeer.

België

Algemeen in het hele land. Lokaal soms talrijk.

Mondiaal

Van het Iberisch Schiereiland via West- en Midden-Europa (inclusief de Britse eilanden) en via de gematigde zone tot Oost-Azië; in het noorden tot Midden-Scandinavië en in het zuiden: Italië, de Balkan, de Kaukasus en Kazachstan.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in het waarnemingbestand Noctua. Hoe die berekeningen worden uitgevoerd staat te lezen op de pagina De berekeningen.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Small Fan-footed Wave
Duitse naam
Breitgesäumter Zwergspanner
Franse naam
la Truie
Oud Nederlandse naam
schildmetertje
Synoniemen
Sterrha biselata, Idaea bisetata, Acidalia bisetata
Toelichting Nederlandse naam

De stipspanners hebben een meer of minder duidelijke middenstip op voor- en ook vaak op achtervleugels. Nagenoeg alle Scopula's en Idaea's zijn stipspanners.
De achtergrond van schild is niet duidelijk. Ter Haar noemt in zijn boek 'Onze vlinders' (begin vorige eeuw) deze spanners al schildmetertje.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Idaea: idaios heeft betrekking op de berg Ida, de uitzichtplaats van waaruit de goden en godinnen de gevechten rond Troje volgden.
biselata: bis = twee keer en seta is haarborstel. Dit slaat op de grote haarpluk op het scheenbeen van de achterpoten van het mannetje.

Auteursnaam en jaartal
(Hufnagel, 1767)

Nieuws

Geen resultaten.

Tijdschriften

Projecten

Geen resultaten.

Soorten uit dezelfde familie spanners (GEOMETRIDAE)

gallendwergspanner
Eupithecia analoga

dennendwergspanner
Eupithecia indigata

schaduwstipspanner
Idaea rusticata

gele kustspanner
Aspitates ochrearia

valeriaandwergspanner
Eupithecia valerianata

zoomspanner
Epione vespertaria

alle soorten uit deze familie