bonte bandspanner Epirrhoe tristata

De bonte bandspanner vliegt overdag bij zonnig weer en in de schemering.
Familie
spanners (GEOMETRIDAE)
Onderfamilie
Larentiinae / Epirrhoe tristata
Groep
Nachtvlinder die zowel dagactief als nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed op gelijkende soorten letten)
Zeldzaamheid

Vrij algemeen. Komt vooral voor op de zandgronden in het binnenland. RL: kwetsbaar.

Rode lijst
kwetsbaar

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 11-13 mm. Over de voorvleugel loopt een patroon van zwarte tot soms bruinachtig donkergrijze banden die doorlopen over de achtervleugel en die sterk contrasteren met de ertussen liggende smallere witte banden. Deze tekening verleent deze bandspanner een nogal bont uiterlijk. In de zwartachtige banden zijn doorgaans witte dwarslijntjes zichtbaar. In de buitenste band betreft dat een getande golflijn die, zowel op de voor- als de achtervleugel, een kleine pijlvormige vlek kan bevatten.Die vlek vormt soms samen met de naar buiten uitstekende witte middenband een speerpunt zoals bij de kleine speerpuntspanner (Rheumaptera subhastata) en de speerpuntspanner (R. hastata). De buitenste band is altijd minstens even donker als de middenband en die bij de vleugelwortel. Door het midden van de witte banden loopt een rij kleine donkere stippen. De franje is helder geblokt.

Gelijkende soorten vlinder

De kleine speerpuntspanner (R. subhastata) vertoont aanzienlijke gelijkenis, vooral met exemplaren van de bonte bandspanner die enigszins op speerpunten gelijkende vlekken in de vleugelzoom bezitten. De kleine speerpuntspanner heeft een bredere buitenste witte band zonder duidelijk zigzag verloop maar met een verspringing naar binnen bij de voorrand. De speerpuntspanner (R. hastata) is groter en gaat bij verstoring overdag het liefst hoog in de boom zitten. Kleine donkere exemplaren van de gewone bandspanner (E. alternata) vertonen ook een zeker gelijkenis; deze laatste is echter minder contrastrijk getekend, heeft een minder helder geblokte franje en heeft een dunne lijn in plaats van een rij stippen binnen de witte banden; de buitenste band is in veel gevallen minder donker dan de middenband.

gewone bandspanner
Epirrhoe alternata
GEOMETRIDAE: Larentiinae

speerpuntspanner
Rheumaptera hastata
GEOMETRIDAE: Larentiinae

kleine speerpuntspanner
Rheumaptera subhastata
GEOMETRIDAE: Larentiinae

Gelijkende soorten rups

Walstrobandspanner (Epirrhoe galiata).
N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).

walstrobandspanner
Epirrhoe galiata
GEOMETRIDAE: Larentiinae

Levenscyclus

Rups: juni-september. De rups heeft een voorkeur voor de bloeiwijze van de waardplant. De soort overwintert als pop in een cocon op de grond.

Waardplanten

Diverse soorten walstro.

Habitat

Heiden, graslanden, bossen en struwelen.

Vliegtijd en gedrag

Half april-half september in twee generaties. De vlinders vliegen overdag bij zonnig weer en in de schemering.

België

Zeer zeldzaam in Vlaanderen. Slechts enkele recente waarnemingen in de Antwerpse en Limburgse Kempen. In Wallonië vrij algemeen ten zuiden van Samber en Maas.

Mondiaal

Van Spanje, West- en Midden-Europa inclusief de Britse eilanden naar het oosten tot Kamtsjatka en Mongolië. Naar het noorden tot Noord-Scandinavië, in het zuiden: Italië, de Balkanlanden en Klein-Azië tot westelijk Centraal-Azië.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in de Nationale Databank Flora en Fauna.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Small Argent & Sable
Duitse naam
Fleckleib-Labkrautspanner
Franse naam
la Mélanippe triste
Oud Nederlandse naam
vals zwartopwitje
Synoniemen
Cidaria tristata, Larentia tristata, Melanippe tristata
Toelichting Nederlandse naam

De bandspanners hebben een bandtekening dwars over de vleugels.
De afwisseling van zwart en wit geeft deze spanner een bont uiterlijk.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Epirrhoe: epirrhoe = een rivier, een overstroming. Dit verwijst naar de golflijnen op de vleugels.
tristata: tristis = somber, triest; dit wijst op de zwart/wit tekening die droefheid uitstraalt.

Auteursnaam en jaartal
(Linnaeus, 1758)

Actualiteiten

Ontdek meer

Blijf op de hoogte

Ontvang vlindernieuws

Soorten uit dezelfde familie spanners (GEOMETRIDAE)

seringenvlinder
Apeira syringaria

gemarmerde dwergspanner
Eupithecia irriguata

bosbandspanner
Epirrhoe rivata

eikendwergspanner
Eupithecia dodoneata

bosspanner
Scopula immutata

marmerspanner
Ecliptopera silaceata

alle soorten uit deze familie