loofboomdwergspanner Eupithecia exiguata

Familie
spanners (GEOMETRIDAE)
Onderfamilie
Larentiinae / Eupithecia exiguata
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(moeilijk tot zeer moeilijk te determineren)
Zeldzaamheid

Zeldzaam. Wordt verspreid over het land af en toe waargenomen op de zandgronden. RL: ernstig bedreigd.

Rode lijst
ernstig bedreigd

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken

Kenmerk: Voorvleugellengte: 11-12 mm. De enigszins spitse voorvleugel heeft een gebogen, enigszins S-vormige voorrand en een grijsachtige grondkleur. De zwarte middenstip is niet groot maar wel duidelijk en vaak enigszins langwerpig van vorm. Aan de buitenrand van de middenband bevinden zich vijf zwarte pijlvlekjes van gelijke lengte, die naar binnen wijzen in de richting van de middenstip. De buitenrand van de middenband maakt vlak voor de voorrand van de vleugel een duidelijke S-bocht; vanuit de lichte dwarsband daarnaast steken twee lichte strokleurige uitsteeksels in de richting van de achterrand van de vleugel.

Uiterlijk Porter: 23-25 mm. Lijf heldergroen met een roodachtig bruine ruglijn die varieert in duidelijkheid en een roodachtig bruine stigmalijn waar beneden de rupsonderkant heel bleek groen is.

Gelijkende soorten vlinder

De voorjaarsdwergspanner (E. abbreviata) heeft dezelfde vorm en grootte en hetzelfde algemene patroon, maar de voorvleugel is bruiner en meer gevlekt; de middenstip en de pijlvormige vlekjes zijn kleiner.

Gelijkende soorten vlinder

voorjaarsdwergspanner
Eupithecia abbreviata

Gelijkende soorten rups

De rupsen van de Eupithecia-soorten lijken veel op elkaar. Bij determinatie kan de waardplant een handig hulpmiddel zijn.

Geen resultaten.

Levenscyclus

Rups: juni-oktober. De soort overwintert als pop in de strooisellaag.

Waardplanten

Diverse loofbomen en struiken, waaronder zuurbes, meidoorn en sleedoorn.

Habitat

Habitat: Bossen en struwelen.

Vliegtijd en gedrag

Eind april-eind juni in één generatie. De vlinders vliegen vanaf de late namiddag en komen op licht.

België

Zeer zeldzaam in Vlaanderen. Slechts enkele recente waarnemingen in Noord-Limburg. In Wallonië vrij zeldzaam en wijdverbreid.

Mondiaal

In Midden- en Noord-Europa wijdverbreid; in het westen tot de Britse eilanden in het oosten tot het Amoergebied. Noord-Zuid: van Noord-Scandinavië tot de zuidrand van de Alpen en zuidwestelijk tot Corsica.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in het waarnemingbestand Noctua. Hoe die berekeningen worden uitgevoerd staat te lezen op de pagina De berekeningen.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Mottled Pug
Duitse naam
Hecken-Blütenspanner
Franse naam
l'Eupithécie dwe l'aubépine
Synoniemen
Tephroclystia exiguata
Toelichting Nederlandse naam

Alle soorten uit het Genus Eupithecia plus nog een aantal andere kleine spanners zijn samengebracht onder de groepsnaam dwergspanner.
De rups van deze dwergspanner leeft op diverse loofboomsoorten.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Eupithecia: eu = goed, goedig en pithex, pithekos = een dwerg. De vlinders hebben een aantrekkelijk uiterlijk en zijn klein. Haworth schrijft: mooie vlinders, als ze rusten zien ze er prachtig uit: de vleugels gespreid en vlak, elegant gedrukt tegen de ondergrond; eigenlijk helemaal ontworpen om ze in vlinderkasten te verzamelen.
Exiguata: exiguus = bijzonder klein. Niet klein binnen de dwegspanners maar wel klein binnen het genus waar Hübner deze vlinder inplaatste nl. Geometra.

Auteursnaam en jaartal
(Hübner, 1813)

Nieuws

Geen resultaten.

Tijdschriften

Geen resultaten.

Projecten

Geen resultaten.

Soorten uit dezelfde familie spanners (GEOMETRIDAE)

halvemaanvlinder
Selenia tetralunaria

crème stipspanner
Scopula ternata

grote bruine spanner
Gnophos furvata

gespikkelde korstmosspanner
Fagivorina arenaria

zuringspanner
Lythria cruentaria

lichte blokspanner
Lobophora halterata

alle soorten uit deze familie