fruitboomdwergspanner Eupithecia insigniata

Familie
spanners (GEOMETRIDAE)
Onderfamilie
Larentiinae / Eupithecia insigniata
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed op gelijkende soorten letten)
Zeldzaamheid

Zeldzaam. Wordt verspreid over het land af en toe waargenomen; de meeste waarnemingen komen uit de provincie Gelderland. RL: ernstig bedreigd.

Rode lijst
ernstig bedreigd

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken

Kenmerk: Voorvleugellengte: 10-12 mm. De vrij smalle voorvleugel heeft een lichte lila-achtig grijze grondkleur en fraaie donkere aderlijnen. De opvallende vlekken langs de voorrand zijn kenmerkend. Er is enige variatie in kleur en tekening, maar de vlekken langs de voorrand blijven altijd goed zichtbaar, ook bij afgevlogen exemplaren.

Uiterlijk Porter: 24-26 mm. Lijf heldergroen met een roodachtig bruine ruglijn die op ieder segment naar achteren breder wordt om zo een gerekte driehoek te vormen. De nogal grote ronde kop is groen en sommige individuen hebben een bruinachtige stigmalijn.

Gelijkende soorten vlinder

Zie de gemarmerde dwergspanner (E. irriguata).

Gelijkende soorten vlinder

gemarmerde dwergspanner
Eupithecia irriguata

Gelijkende soorten rups

De rupsen van de Eupithecia-soorten lijken veel op elkaar. Bij determinatie kan de waardplant een handig hulpmiddel zijn.

Geen resultaten.

Levenscyclus

Rups: juni-augustus. De soort overwintert in een losse cocon in een schorsspleet of in de strooisellaag.

Waardplanten

Diverse (fruit)bomen, waaronder appel, krentenboompje, sleedoorn en meidoorn.

Habitat

Habitat: Struwelen, bosranden, houtwallen, boomgaarden en tuinen.

Vliegtijd en gedrag

Half april-begin juni in één generatie. De vlinders komen op licht; verder worden ze zelden gezien.

België

Zeer zeldzaam in Vlaanderen, met een handvol recente waarnemingen uit Antwerpen, Limburg en Oost-Vlaanderen. Zeldzaam in Wallonië met verspreide vindplaatsen ten zuiden van Samber en Maas.

Mondiaal

Van Frankrijk en Engeland in het westen via Midden- en Oost-Europa tot Oost-Azië. Noord-Zuid: van Zuid-Zweden tot Corsica en Italië, zuidoostelijk via de Balkan tot Klein-Azië.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in het waarnemingbestand Noctua. Hoe die berekeningen worden uitgevoerd staat te lezen op de pagina De berekeningen.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Pinion-spotted Pug
Duitse naam
Obsthain-Blütenspanner
Franse naam
l'Eupithécie distinguée
Synoniemen
Tephroclystia insigniata
Toelichting Nederlandse naam

Alle soorten uit het Genus Eupithecia plus nog een aantal andere kleine spanners zijn samengebracht onder de groepsnaam dwergspanner.
De rups van deze dwergspanner leeft op (fruit-)bomen.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Eupithecia: eu = goed, goedig en pithex, pithekos = een dwerg. De vlinders hebben een aantrekkelijk uiterlijk en zijn klein. Haworth schrijft: mooie vlinders, als ze rusten zien ze er prachtig uit: de vleugels gespreid en vlak, elegant gedrukt tegen de ondergrond; eigenlijk helemaal ontworpen om ze in vlinderkasten te verzamelen.
Insigniata: insignis = gemerkt en daardoor te onderscheiden. Naar de scherpe tekening op de vleugels die deze soort onderscheidt t.o.v. nabije verwanten.

Auteursnaam en jaartal
(Hübner, 1790)

Nieuws

Geen resultaten.

Tijdschriften

Geen resultaten.

Projecten

Geen resultaten.

Soorten uit dezelfde familie spanners (GEOMETRIDAE)

gele oogspanner
Cyclophora linearia

gespikkelde korstmosspanner
Fagivorina arenaria

berkenspikkelspanner
Aethalura punctulata

sporkehoutspanner
Philereme vetulata

gevlekte zomervlinder
Comibaena bajularia

gallendwergspanner
Eupithecia analoga

alle soorten uit deze familie