kleine manteluil Lithophane furcifera

Van de kleine manteluil zijn slechts enkele recente waarnemingen bekend uit Noord-Brabant.
Familie
uilen (NOCTUIDAE)
Onderfamilie
Hadeninae / Lithophane furcifera
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed op gelijkende soorten letten)
Zeldzaamheid

Zeer zeldzaam. Er zijn slechts enkele recente waarnemingen bekend uit Noord-Brabant. De laatste waarneming dateert uit 2005.

Rode lijst
verdwenen

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken

Kenmerk: Voorvleugellengte: 17-20 mm. De bruinachtig grijze voorvleugel van deze uil heeft een leigrijs marmerachtig vlekkenpatroon. In het wortelveld ligt langs de voorrand een lichte vlek die opvallend afsteekt tegen de zwarte schouderstreep. Kenmerkend is de dunne zwarte lengtestreep die vanaf de tapvlek evenwijdig aan de binnenrand van de vleugel loopt en eindigt ter hoogte van het midden van de niervlek; deze lengtestreep heeft aan het begin en het eind vaak een kleine vertakking. De niervlek valt op als een geeloranje vlek en in mindere mate geldt dat ook voor de tapvlek.

Gelijkende soorten vlinder

De gageluil (L. lamda) heeft een opvallende zwartachtige, naar binnen gerichte pijlvlek halverwege de getande golflijn; bovendien loopt de meestal dikkere zwarte lengtestreep in het midden van de vleugel door tot voorbij de niervlek.

Gelijkende soorten vlinder

gageluil
Lithophane lamda

Levenscyclus

Rups: april-juni. Oudere rupsen rusten overdag in bastspleten, jonge rupsen tussen samengesponnen bladeren. De verpopping vindt plaats in een holletje in de grond. De soort overwintert als vlinder.

Waardplanten

Diverse loofbomen, waaronder els, berk, wilg en populier.

Habitat

Habitat: Broekbossen en andere vochtige gebieden.

Vliegtijd en gedrag

Eind augustus-half oktober en na de overwintering half maart-eind april in één generatie. De vlinders komen op smeer en bezoeken bloemen van klimop en wilgenkatjes.

België

Zeer zeldzaam. Slechts enkele vindplaatsen in de Antwerpse en Limburgse Kempen (5 waarnemingen uit 2010-2012). In Wallonië verdwenen.

Mondiaal

Vooral de centrale landen van Europa. Noordelijk tot Midden-Engeland en Midden-Scandinavië. Naar het zuiden tot Noord-Spanje, de zuidrand van de Alpen en Zuid-Bulgarije. Naar het oosten tot de Zwarte Zee, de Kaukasus en West-Siberië.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in het waarnemingbestand Noctua. Hoe die berekeningen worden uitgevoerd staat te lezen op de pagina De berekeningen.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Conformist
Duitse naam
Braungraue Holzeule
Franse naam
la Xyline du bouleau
Synoniemen
Grapholitha furcifera, Xylina furcifera, Xylina conformis
Toelichting Nederlandse naam

Kleine manteluil is al decennia-lang in gebruik in tuinbouwkringen. De achtergrond van deze soortnaam is onduidelijk.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Lithophane: lithos = een steen en phaino, phan = blijken te zijn; de vlinder vertoont gelijkenis met een steen en valt in rust daardoor nauwelijks op (hoewel de soorten uit dit geslacht vaker op een paaltje of takje zitten te rusten).
furcifera: furca = een vork met twee punten en fero = dragen. Dit wijst op de gespleten donkere veeg die vanuit de niervlek richting vleugelrand loopt.

Auteursnaam en jaartal
(Hufnagel, 1766)

Nieuws

Geen resultaten.

Tijdschriften

Geen resultaten.

Projecten

Geen resultaten.

Soorten uit dezelfde familie uilen (NOCTUIDAE)

gelijnde grasuil
Tholera decimalis

moeras-w-uil
Lacanobia splendens

bonte worteluil
Agrotis vestigialis

schijn-nonvlinder
Panthea coenobita

helmgrasuil
Mythimna litoralis

bonte daguil
Protoschinia scutosa

alle soorten uit deze familie