bruine granietuil Crypsedra gemmea

De voorvleugels van de bruine granietuil zijn olijfkleurig met een bont vlekken- en lijnenpatroon.
Familie
uilen (NOCTUIDAE)
Onderfamilie
Hadeninae / Crypsedra gemmea
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed tot redelijk goed te determineren)
Zeldzaamheid

Zeldzaam. Komt vrijwel uitsluitend voor op de Veluwe en lokaal op de zandgronden in Drenthe en Zuidoost-Friesland. RL: gevoelig.

Rode lijst
gevoelig

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken

Kenmerk: Voorvleugellengte: 16-20 mm. De olijfbruine voorvleugel heeft een groenige glans en een bont patroon van witte, zwartgerande vlekken en dwarslijnen; de hoeveelheid wit kan variëren. De ringvlek en de niervlek zijn groot en wit met daarin zwarte lijntjes; de eveneens witte halvemaanvormige tapvlek kan donker gevuld zijn.

Gelijkende soorten vlinder

De witvlek-silene-uil (Hadena albimacula) is kleiner en mist de olijfgroene tint; de witte tekening is minder uitgebreid en in plaats van een halvemaanvormige witte tapvlek is een min of meer rechthoekige vlek aanwezig.

Gelijkende soorten vlinder

witvlek-silene-uil
Hadena albimacula

Levenscyclus

Rups: april-juni. De rups leeft eerst op de halmen van de waardplant, later dicht bij de grond in gangen die bekleed zijn met afgebeten plantendelen; in deze gangen vindt ook de verpopping plaats. De soort overwintert als ei.

Waardplanten

Diverse grassen, waaronder vooral pijpenstrootje.

Habitat

Habitat: Heiden en andere open, grazige gebieden.

Vliegtijd en gedrag

Begin juli-begin september in één generatie. De vlinders komen op licht en smeer.

België

Beperkt tot Wallonië. Verbreid, maar zeldzaam en lokaal in de Ardennen.

Mondiaal

Midden- en Noord-Europa. In Scandinavië tot Midden-Noorwegen, Noord-Zweden en Midden-Finland; in Rusland tot Karelië en Kirow (de oostelijkste vindplaats). Verdere verbreiding in Rusland is onbekend. Naar het westen en zuiden tot de Franse Oceaankust, Zuid-Frankrijk, Midden-Italië en Macedonië. In de lage delen van Noord- en Oost-Duitsland schijnt ze pas in de 20e eeuw binnengekomen te zijn. Tot 1850 alleen bekend van de Alpen tot het Harz-gebergte. 1890 in Berlijn, 1900 Brandenburg, 1903 Mecklenburg en 1917 Pommeren (Chappius 1942).

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in het waarnemingbestand Noctua. Hoe die berekeningen worden uitgevoerd staat te lezen op de pagina De berekeningen.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Cameo
Duitse naam
Bunte Waldgraseule
Synoniemen
Polymixis gemmea
Toelichting Nederlandse naam

De witte vlekken doen denken een steensoort, in dit geval graniet. De wetenschappelijke soortnaam wijst op kostbaarder steensoorten.
De grondkleur is een mooie bruintint.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

gemmea: gemmeus = versierd met kostbare stenen. Verwijzend naar de opvallende witte vlekken op de donkerder grondkleur.

Auteursnaam en jaartal
(Treitschke, 1825)

Nieuws

Tijdschriften

Geen resultaten.

Projecten

Geen resultaten.

Soorten uit dezelfde familie uilen (NOCTUIDAE)

moerasgoudvenstertje
Plusia putnami

bonte daguil
Protoschinia scutosa

hoogveenvlekuil
Amphipoea lucens

panteruiltje
Acontia trabealis

bruine granietuil
Crypsedra gemmea

geveerde witvleugeluil
Aporophyla australis

alle soorten uit deze familie