zuringuil Acronicta rumicis

De zuringuil is een gewone soort van allerlei open gebieden, zoals graslanden, parken en tuinen.
Familie
uilen (NOCTUIDAE)
Onderfamilie
Acronictinae / Acronicta rumicis
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed op gelijkende soorten letten)
Zeldzaamheid

Zeer algemeen. Komt verspreid over vrijwel het hele land voor. RL: niet bedreigd.

Rode lijst
niet bedreigd

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 16-20 mm. Deze Acronicta-soort heeft een vrij smalle grijze voorvleugel met een tamelijk grof uiterlijk. De vleugel is onregelmatig zwart bespikkeld en heeft een onduidelijke zwartachtige tekening. Karakteristiek is het opvallende krijtwitte vlekje langs de binnenrand, dat soms uit twee afzonderlijke vlekjes bestaat. De onderbroken golflijn is witachtig en valt meestal goed op. De hoeveelheid zwart is variabel. De achtervleugel is grijsachtig bruin.

Kenmerken rups

Tot 38 mm; lichaam zwart met roodachtig bruine haarborstels; over het midden van de rug een rij rode vlekjes met aan weerszijden een rij grotere, witte vlekken; onder de lijn van de witte spiracula een band van rode en oranje vlekken; kop zwart met bruine tekening.

Gelijkende soorten vlinder

Zie de goudhaaruil (A. auricoma), de schilddrager (Subacronicta megacephala) en de schedeldrager (Craniophora ligustri).

schedeldrager
Craniophora ligustri
NOCTUIDAE: Acronictinae

schilddrager
Subacronicta megacephala
NOCTUIDAE: Acronictinae

goudhaaruil
Acronicta auricoma
NOCTUIDAE: Acronictinae

Levenscyclus

Rups: juni-oktober. De soort overwintert als pop in een cocon in de strooisellaag.

Waardplanten

Diverse kruidachtige en houtige planten, waaronder zuring, weegbree, hop, duinroos, braam en meidoorn; ook wilg.

Habitat

Allerlei open gebieden, waaronder graslanden, natte weiden, heiden, parken en tuinen.

Vliegtijd en gedrag

Half april-half oktober in twee of drie generaties. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen.

België

Algemeen in het hele land.

Mondiaal

Van Noordwest-Afrika (Marokko, Algerije, Tunesië), dwars door heel Europa tot in het noorden Midden-Scandinavië. Naar het oosten via Klein- en Voor-Azië en via Midden- en Noord-Azië tot China, Korea en Japan.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in de Nationale Databank Flora en Fauna.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Knot Grass
Duitse naam
Ampfer-Rindeneule
Franse naam
la Cendrée noirâtre , la Noctuelle de la patience
Synoniemen
Apatele rumicis, Acronycta rumicis
Toelichting Nederlandse naam

Zuringuil is een al lang bestaande naam die al gebruikt wordt door Ter Haar in 'Onze vlinders' (begin vorige eeuw).
Zuring is een belangrijke waardplant van deze soort. Zie ook bij 'toelichting wetenschappelijke naam'.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Acronicta: akronux = het vallen van de avond. Waarschijnlijk heeft deze naam dezelfde strekking als Noctua, in de nacht. Dit genus heeft immers geen enkele binding met de avondschemering.
rumicis: Rumex is het plantengeslacht zuring, een van de voedselplanten die door Linnaeus werden vermeld.

Auteursnaam en jaartal
(Linnaeus, 1758)

Actualiteiten

Ontdek meer

Blijf op de hoogte

Ontvang vlindernieuws

Soorten uit dezelfde familie uilen (NOCTUIDAE)

elzenuil
Acronicta alni

geelbruine herfstuil
Agrochola macilenta

herfst-rietboorder
Rhizedra lutosa

grijze stofuil
Hoplodrina respersa

moerasbos-uil
Acronicta strigosa

bosbesuil
Conistra vaccinii

alle soorten uit deze familie