gele uil Enargia paleacea

Familie
uilen (NOCTUIDAE)
Onderfamilie
Hadeninae / Enargia paleacea
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed tot redelijk goed te determineren)
Zeldzaamheid

Zeldzaam. Komt lokaal voor op de zandgronden in het binnenland; elders af en toe een waarneming. RL: bedreigd.

Rode lijst
bedreigd

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 17-20 mm. De tekening op de gelijkmatig gele voorvleugel bestaat uit enkele dunne dwarslijnen, een middenschaduw en de omlijning van de ringvlek en de niervlek; in de binnenste lob van de niervlek ligt een donkere stip. Kenmerkend is de geknikte, ruwweg V-vormige binnenste dwarslijn. De sterkte van de tekening varieert aanzienlijk en is soms nauwelijks zichtbaar; de donkere stip in de niervlek blijft in de meeste gevallen wel zichtbaar.

Gelijkende soorten vlinder

Er zijn diverse gele uilen die een oppervlakkige gelijkenis vertonen. Dit betreft vooral de hyena (Cosmia trapezina) en de gewone gouduil (Xanthia icteritia); geen van allen heeft echter de genoemde combinatie van een geknikte binnenste dwarslijn en een donkere stip in de binnenste lob van de niervlek. Beide genoemde soorten zijn bovendien kleiner.

gewone gouduil
Xanthia icteritia
NOCTUIDAE: Hadeninae

hyena
Cosmia trapezina
NOCTUIDAE: Hadeninae

Gelijkende soorten rups

Orvlinder (Tethea or), peppel-orvlinder (Tethea ocularis) en tandjesuil (Sideridis turbida).
N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).

orvlinder
Tethea or
NOCTUIDAE: Hadeninae

peppel-orvlinder
Tethea ocularis
NOCTUIDAE: Hadeninae

tandjesuil
Sideridis turbida
NOCTUIDAE: Hadeninae

Levenscyclus

Rups: april-juni. De rups foerageert ´s nachts en verbergt zich overdag tussen samengesponnen bladeren. De verpopping vindt plaats in de grond. De soort overwintert als ei op de waardplant.

Waardplanten

Berk; soms ratelpopulier.

Habitat

(Berken)bossen en struwelen.

Vliegtijd en gedrag

Half juni-begin oktober in één generatie. De vlinders komen zowel op licht (vooral het mannetje) als op smeer en bezoeken soms bloemen.

België

In Vlaanderen zeldzaam, maar wijdverbreid in alle provincies. Goed vertegenwoordigd in Antwerpen. In Wallonië zeldzaam, maar wijdverbreid en lokaal algemeen.

Mondiaal

Vooral in Centraal-Europa. Naar het zuiden tot de Spaanse Pyreneeën, Zuid-Italië, Bosnië, Herzegowina en Bulgarije. Naar het noorden tot Schotland en Midden-Scandinavië. Midden- en Noord-Azië, naar het zuiden tot de Kaukasus en naar het oosten tot China en Japan. Oude berichten over aanwezigheid in Noord-Amerika betreffen andere soorten.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in de Nationale Databank Flora en Fauna.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Angle-striped Sallow
Duitse naam
Gelbe Blatteule
Franse naam
la Cosmie paillée
Synoniemen
Cosmia paleacea, Eucosmia paleacea, Calymnia paleacea
Toelichting Nederlandse naam

Deze vlinder heeft een mooie gele kleur. Ook de wetenschappelijke en Duitse soortnaam wijzen op de vleugelkleur.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Enargia: energeia = met een helder en opgewekt uiterlijk. Deze soort is de enige die Hübner in dit genus onderbracht.
paleacea: paleaceus komt van palea = kaf, haksel, naar de okerkleur van de voorvleugels.

Auteursnaam en jaartal
(Esper, 1788)

Actualiteiten

Ontdek meer

Blijf op de hoogte

Ontvang vlindernieuws

Soorten uit dezelfde familie uilen (NOCTUIDAE)

kosmopoliet
Leucania loreyi

witstipgrasuil
Mythimna albipuncta

bruine grasuil
Rhyacia simulans

maanuiltje
Cosmia pyralina

kooluil
Mamestra brassicae

bandvoorjaarsuil
Orthosia opima

alle soorten uit deze familie