Nieuwsbericht

Wintervlinderen

woensdag 24 december 2014

Wie denkt dat vlinderliefhebbers niets te doen hebben in de winter hebben het mis! Ook in de winter is er van alles te beleven op vlindergebied. Sommige soorten kun je zelfs ’s winters beter onderzoeken dan in de zomer.

Een bekend voorbeeld is de sleedoornpage. Deze vrij zeldzame vlinder leeft erg verborgen en laat zich in de zomer niet zo makkelijk in kaart brengen. De vlinder, die vliegt in augustus en september, legt de eitjes op sleedoorn en andere Prunussoorten. De eitjes overwinteren daar op de takken en kunnen dus de hele winter worden gevonden.

Er zijn plekken bekend waar sleedoornpages voorkomen waar nog nooit een vlinder is gezien, maar waar wel eitjes zijn gevonden. De eitjes zitten aan de buitenzijde van de struik, vaak in de oksel van een tak of doorn en vooral op jongere scheuten van sleedoorn. Het eitje is maar klein, maar als je er oog voor hebt en gericht zoekt blijkt het toch best goed te vinden. Sleedoorn is een algemene plant, die op veel plekken voorkomt, maar de sleedoornpage is veel kieskeuriger. De vlinder heeft voorkeur voor overgangen van hogere zandgronden naar rivier- en veengebied. Zo komt hij voor aan de zuid- en noordzijde van de Utrechtse Heuvelrug (b.v. Wijk bij Duurstede en Soest ), langs de Veluwerand (b.v. Wageningen, Apeldoorn) en in het noorden b.v. in Steenwijk en Zuidwolde. Goed zoeken op sleedoorn in andere gebieden kan zeker nog nieuwe vliegplaatsen opleveren.

Ook andere kleine pages overwinteren als eitje op bomen en struiken. De eikenpage en zeldzame en bedreigde bruine eikenpage gebruiken daar eik voor, maar ze hebben wel een eigen voorkeur. De eikenpage zit op grote volgroeide eiken, de bruine op lage kleine eikjes. De eikenpage komt erg veel voor, maar wordt nogal eens over het hoofd gezien. De vlinder zelf heeft , net als de sleedoornpage, een wat ‘sneaky’ leefwijze. Het grootste deel van het leven vindt plaats in de boomkruinen. Ze leven daar van luizenmelk, een zoete stof die door bladluizen wordt uitgescheiden. Je ziet ze dan ook niet veel op nectarplanten drinken, zoals veel andere vlinders wel doen. Alleen als er, bijvoorbeeld door flinke regenbuien, weinig luizenmelk is zullen ze naar beneden komen om te drinken. De eitjes zijn aanwezig tussen de eindknoppen van de eik, maar die zijn vaak niet te vinden omdat de takken zich veel te hoog bevinden en niet te benaderen zijn. Het zoeken op afgewaaide of afgezaagde takken wil wel eens eitjes opleveren. Leuk wintertijdverdrijf!

Sleedoornpage tellen