Nieuwsbericht

Vlinders en bijen niet geholpen door nieuwe EU landbouwbeleid

vrijdag 6 juni 2014

Het nieuwe Europese landbouwbeleid (GLB), dat loopt van 2014 – 2020 lijkt onvoldoende aandacht te besteden aan bescherming van de biodiversiteit. De graslandvlinders, zoals argusvlinder en blauwe vuurvlinder, die in heel Europa sterk onder druk staan zullen weinig van het nieuwe beleid profiteren. Dit blijkt uit een publicatie in het wetenschappelijke tijdschrift Science.

Hoewel bij de start van de onderhandelingen over het nieuwe GLB in 2010 biodiversiteit hoog op de agenda stond, blijkt inmiddels dat veel van de goede voornemens uiteindelijk zijn afgezwakt of geheel geschrapt. Was er eerst sprake van dat 10% van de oppervlakte akkerbouwgebied zou moeten worden beheerd met aandacht voor ecologische doelstellingen, inmiddels is dit percentage gehalveerd en ook zijn de eisen die aan dat andere beheer worden gesteld sterk verruimd.
De afgelopen vijfentwintig jaar is er in het agrarisch gebied in Europa sprake van een dramatische achteruitgang van de biodiversiteit. De boerenlandvlinders - soorten die hun leefgebied vinden in graslanden en andere agrarisch gebruikte gronden - zijn meer dan 60% in aantal afgenomen. Ook de problemen die de honingbijen en wilde bijen momenteel hebben zijn voor een deel veroorzaakt door de intensieve landbouw. Terwijl er jaarlijks 55 miljard euro door de EU wordt uitgegeven aan landbouwsubsidies staat daar slechts een schamele 180 miljoen euro tegenover voor natuur. Zeker nu duidelijk is dat het verlies aan biodiversiteit voor een belangrijk deel wordt veroorzaakt door de landbouw is het een gemiste kans dat er in het nieuwe landbouwbeleid zo weinig in natuur en biodiversiteit wordt geïnvesteerd.

Titia Wolterbeek, directeur van De Vlinderstichting: “We zijn er vanaf het begin van de onderhandelingen actief mee bezig geweest vanuit Butterfly Conservation Europe, een koepel van organisaties die zich bezig houdt met vlinderonderzoek en –bescherming. We hadden goede hoop dat het nieuwe landbouwbeleid echt een stap voorwaarts zou zijn voor de bescherming van landschap, planten en dieren, maar we zijn erg teleurgesteld over het uiteindelijke voorstel. Lichtpuntje is wel dat er ruimte is voor de lidstaten om zelf binnen dit landbouwbeleid keuzes te maken. We zien hier in Nederland dat een deel van de boeren actief mee wil werken aan agrarisch natuurbeheer en als de regering dat stimuleert door de kansen die er in het nieuwe beleid zitten te grijpen kunnen we mogelijk gezamenlijk toch nog zorgen dat we ook over tien jaar nog kunnen genieten van de graslandvlinders.”