Nieuwsbericht

Het roesje overwintert met zijn vijand

woensdag 15 januari 2014

Het roesje is een nachtvlinder die als vlinder in groepjes overwintert in schuren, bunkers, mergelgroeven, vochtige tunnels en kelders. Dus vaak samen met vleermuizen bij wie het roesje op het menu staat.

De vlinder is een prachtig gekleurde en talrijke soort die verspreid over het land voor komt in open loofbossen, struwelen, moerassen, heiden, parken en tuinen. Als waardplant dienen veelal wilg en (ratel)populier.

Het roesje (Scoliopteryx libatrix) is stevig gebouwd en heeft een brede voorvleugel die in rust tamelijk vlak ligt en een krom gebogen vleugelpunt heeft. De achterrand van de voorvleugel heeft diep ingesneden kartels. De voorvleugel is grijsachtig bruin met een roze of paarsachtige tint en is bestrooid met kleine donkere vlekjes en witte centrale dwarslijnen. Op het oranjebruine borststuk is een korte kuif zichtbaar en het mannetje heeft geveerde antennen. Het is een nachtactieve soort tijdens de vliegtijd van juli tot oktober. Omdat ze 's nachts actief zijn, moeten ze wel opletten voor vleermuizen. Maar de nachtvlinder heeft een uniek verdedigingsmiddel. Dankzij een trommelvlies is de vlinder in staat om vleermuizen van ca. 30 meter afstand te horen aankomen en vlucht op tijd weg of plooit het z'n vleugels tegen elkaar en verdwijnt van de radar.


De soort overwintert van ca. half november tot mei. Meerdere mensen gaan er dan op uit om kelders en bunkers te inspecteren op roesjes. In december jongstleden vond Henk Knibbeler een groep roesjes samen met een overwinterende atalanta in een varkensstal in Ossenisse, Zeeland (zie prachtige foto). Mocht u in deze periode ook roesjes zien, geef het dan aan ons door. U kunt uw waarnemingen bijvoorbeeld invoeren via waarneming.nl en telmee.nl.