kleine rietvink Simyra albovenosa

Van de kleine rietvink zijn de voorvleugels lichtgekleurd en de achtervleugels zuiver wit.
Familie
uilen (NOCTUIDAE)
Onderfamilie
Acronictinae / Simyra albovenosa
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(goed op gelijkende soorten letten)
Zeldzaamheid

Vrij algemeen. Komt verspreid over het land voor, maar wordt vooral waargenomen in alle kustprovincies. RL: kwetsbaar.

Rode lijst
kwetsbaar

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken

Kenmerk: Voorvleugellengte: 16-20 mm. Deze uil lijkt sterk op de Mythimna-soorten, maar is daarvan te onderscheiden door de zuiver witte achtervleugel. Afgezien van een zwartachtige veeg vanuit het wortelveld en één of twee donkere vegen in het zoomveld heeft deze uil een opmerkelijk effen, lichtgekleurde voorvleugel.

Gelijkende soorten vlinder

De grijze grasuil (Mythimna pudorina) heeft een grijsachtig bruine achtervleugel en de spitsvleugelgrasuil (M. straminea) heeft donkere aders en een rij zwartachtige streepjes in de achtervleugel.

Gelijkende soorten vlinder

spitsvleugelgrasuil
Mythimna straminea

grijze grasuil
Mythimna pudorina

Levenscyclus

Rups: juni en begin augustus-begin oktober. De rups is zowel ´s nachts als overdag actief. De soort overwintert als pop in een cocon tussen rietbladeren of in de strooisellaag.

Waardplanten

Vooral riet, maar ook grote wederik, waterzuring, pluimzegge, galigaan en wilg.

Habitat

Habitat: Moerasachtige gebieden.

Vliegtijd en gedrag

Begin april-half september in twee generaties; soms enkele exemplaren van een partiële derde generatie in oktober. De vlinders vliegen vanaf de schemering en komen op licht; overdag verbergen ze zich tussen verdord riet.

Belgiƫ

Zeldzaam maar wijdverbreid in alle Vlaamse provincies; lokaal algemeen. In Wallonië nagenoeg verdwenen, maar recent gemeld uit Luxemburg.

Mondiaal

Lokaal in Noord-Afrika (Marokko, Egypte). Uit Europa bekend uit alle landen behalve uit Portugal, Albanië en Noorwegen, maar altijd lokaal met voorkeur voor vlak land en kusten. Naar het noorden tot Zuidoost-Engeland, Zuid-Denemarken en langs de kusten van Zweden en Finland. In Azië van de Oeral en Klein-Azië (Turkije) dwars door Midden-Azië en Mongolië tot Sachalin, de Koerilen en Japan. Oude opgaven uit Noord-Amerika (b.v. Kozancikov, 1950) hebben betrekking op de tegenwoordig zelfstandige soort S.henrici (Grote, 1873)

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in het waarnemingbestand Noctua. Hoe die berekeningen worden uitgevoerd staat te lezen op de pagina De berekeningen.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Zeldzaamheid
Engelse naam
Reed Dagger
Duitse naam
Ried-Weissstriemeneule
Franse naam
la Noctuelle veineuse
Synoniemen
Arsilonche albovenosa, Cryphia bryoleuca, Cryphia bryophila, Cryphia bryopsis, Cryphia euthales, Cryphia jaspidia, Arsilonche venosa, Simyra venosa
Toelichting Nederlandse naam

Kleine rietvink is een al lang bestaande naam die al gebruikt wordt door Ter Haar in 'Onze vlinders' (begin vorige eeuw).
Waarom deze soort gezien wordt als een kleine Euthrix potatoria, rietvink, is niet duidelijk.

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Simyra: Simyra is een Phoenisische stad; de naam heeft geen enthomologische betekenis.
albovenosa: albus = wit en venosus = met aders. De aders op de voorvleugel zijn witter dan de licht beige grondkleur.

Auteursnaam en jaartal
(Goeze, 1781)

Nieuws

Geen resultaten.

Tijdschriften

Geen resultaten.

Projecten

Geen resultaten.

Soorten uit dezelfde familie uilen (NOCTUIDAE)

heidedaguil
Heliothis maritima

smalvleugelrietboorder
Chilodes maritima

egelskopboorder
Globia sparganii

dubbelstipvoorjaarsuil
Anorthoa munda

psi-uil
Acronicta psi

diana-uil
Griposia aprilina

alle soorten uit deze familie