espenblad Phyllodesma tremulifolia

Het espenblad is een zeer zeldzame soort, die door de karakteristieke vorm en rusthouding op een dood blad lijkt.
Familie
spinners (LASIOCAMPIDAE)
Onderfamilie
Pinarinae / Phyllodesma tremulifolia
Groep
Nachtvlinder die nachtactief is
Hoe moeilijk te herkennen
(moeilijk tot zeer moeilijk te determineren)
Zeldzaamheid

Vrij zeldzaam. Soort die slechts af en toe in het zuidoosten van Nederland wordt waargenomen. RL: niet bedreigd.

Rode lijst
niet bedreigd

Verspreiding
Vliegtijd
Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: ♂ 15-18 mm, ♀ 18-20 mm. Deze kleine spinner heeft door de karakteristieke rusthouding en vleugelvorm veel weg van een dood blad. De door de palpen gevormde ‘snuit’ is relatief sterk naar beneden gericht. Zowel de voor- als de achtervleugel is overwegend oranjebruin van kleur. Met name de vleugelzoom is echter in meer of mindere mate vermengd met grijs en soms heeft ook de bovenkant van het borststuk een enigszins grijze tint. De centrale dwarslijnen en ook de golflijn bestaan uit losse zwarte vlekjes. Halverwege de centrale dwarslijnen ligt een kleine langwerpige middenvlek. De vleugels, vooral de achtervleugels, hebben een gekartelde achterrand en een onduidelijke donkerbruin met wit geblokte franje. Niet in rusthouding zichtbaar maar voor determinatie eveneens van belang, zijn het op de binnenste helft van de achtervleugel gelegen lichte veld en de afgeronde overgang van de gekartelde achterrand naar de binnenrand. De variatie is relatief gering. Soms komen exemplaren met een meer donkerbruine grondkleur voor. Ook varieert de hoeveelheid grijs.

Gelijkende soorten vlinder

Het hulstblad (P. ilicifolia) heeft een minder egaal en enigszins grauw uiterlijk door de aanwezigheid van meer lichtgrijze elementen en de franje is sterk bruin met wit geblokt. Tussen de middenvlek en de binnenste dwarslijn is een klein rechthoekig lichtgrijs veld zichtbaar. Het witachtige veld op de achtervleugel is groter en steekt opvallend licht af tegen de rest van de vleugel. Op de binnenrandhoek van de achtervleugel bevindt zich een kartelpuntje. Het onderscheiden van de beide Phyllodesma-soorten kan problemen opleveren door variatie van de afzonderlijke kenmerken. Aan te raden is alle kenmerken na te gaan. Bij twijfel verdient het maken van een genitaalpreparaat de voorkeur.

Klik hier voor gedetailleerde verschillen tussen de twee Phyllosdesma-soorten.

hulstblad
Phyllodesma ilicifolia
LASIOCAMPIDAE: Pinarinae

Gelijkende soorten rups

Zwarte herfstspinner (Poecilocampa populi), populierenblad (Gastropacha populifolia), eikenblad (Gastropacha quercifolia) en kersenspinner (Odonestis pruni).
N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).

populierenblad
Gastropacha populifolia
LASIOCAMPIDAE: Pinarinae

kersenspinner
Odonestis pruni
LASIOCAMPIDAE: Pinarinae

zwarte herfstspinner
Poecilocampa populi
LASIOCAMPIDAE: Pinarinae

eikenblad
Gastropacha quercifolia
LASIOCAMPIDAE: Pinarinae

Vliegtijd en gedrag

Eén generatie van half april-begin juli. De vlinders kunnen geen voedsel opnemen en komen dus niet op smeer. De mannetjes komen op licht, vrouwtjes worden zelden waargenomen.

Levenscyclus

Rups: juni-september. De rupsen zijn goed gecamoufleerd, drukken zich overdag stijf tegen takken aan en foerageren ´s nachts. De rupsen groeien erg traag en verpoppen zich in een stevige cocon. De soort overwintert als pop.

Waardplanten

Diverse loofbomen met een voorkeur voor eik, berk en (ratel)populier.

Habitat

Bosranden en lanen in een kleinschalig landschap.

Zeldzaamheid

Vrij zeldzaam. Soort die slechts af en toe in het zuidoosten van Nederland wordt waargenomen. RL: niet bedreigd.

België

In Vlaanderen zeer zeldzaam en nagenoeg beperkt tot de Kempen. In Wallonië zeldzaam en gekend uit Luik, Luxemburg en Namen, maar enkel in de laatste twee provincies recent gemeld.

Mondiaal

Van het Iberisch schiereiland (Andalusië en Escorial) via Zuid- en Midden-Europa oostwaarts tot Zuid-Rusland. De noordelijke grens loopt via Denemarken, de Baltische staten en Noord-Rusland, de zuidelijk via het noorden van het Middellandse Zeegebied, inclusief Italië en de Balkan tot Voor-Azië. Niet in Scandinavië en niet op de Britse eilanden.

Trend op lange en korte termijn
Onderstaande grafieken tonen de verandering in de talrijkheid van de soort in de loop van de tijd. De eerste grafiek geeft het verloop over de hele periode waarvan we waarnemingen hebben. Omdat de oude gegevens vaak niet erg nauwkeurig zijn (geen aantallen) en incompleet (nadruk op zeldzame soorten) wordt hier de presentie afgebeeld. De tweede grafiek laat het verloop zien van de prestatie van de soort in de laatste dertig jaar. Wat presentie en prestatie precies zijn, en hoe ze worden berekend kunt u lezen op de pagina De berekeningen.
Verspreiding in Nederland in vier perioden
Onderstaande kaartjes tonen de verspreiding binnen Nederland in vier perioden. Hoe groter en donkerder een stip, des te groter was de presentie van een soort in het desbetreffende uurhok (5x5 kilometerhok). Presentie geeft aan in welke mate een soort is over- of ondervertegenwoordigd ten opzichte van de (macronachtvlinder-)fauna als geheel. De berekeningen zijn gebaseerd op gegevens in de Nationale Databank Flora en Fauna.
voor 1950
1950 - 1979
1980 - 1999
2000 - feb 2016
Duitse naam
Eichenglucke
Franse naam
la Petite Feuille-Morte , la Feuille-Morte du tremble
Oud Nederlandse naam
maanvlekspinner
Synoniemen
Epicnaptera tremulifolia, Lasiocampa tremulifolia, Bombyx tremulifolia, Lasiocampa betulifolia, Phyllodesma tremulifolium
Toelichting Nederlandse naam

De wetenschappelijke soortnaam tremolifolia duidt op de gelijkenis van de vlinder in rust met een blad van de ratelpopulier (esp).

Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam

Phyllodesma: phullon = een blad en demos = een keten, een boei. Zoals een vlinder vast op een blad zit.

Auteursnaam en jaartal
(Hübner, 1810)

Actualiteiten

Ontdek meer

Blijf op de hoogte

Ontvang vlindernieuws

Soorten uit dezelfde familie spinners (LASIOCAMPIDAE)

bosrandspinner
Eriogaster catax

eikenblad
Gastropacha quercifolia

dennenspinner
Dendrolimus pini

kersenspinner
Odonestis pruni

ringelrups
Malacosoma neustria

hulstblad
Phyllodesma ilicifolia

alle soorten uit deze familie